zaterdag 21 april 2012

Titanic


Na enkele maanden Houston kwamen mijn schoonouders al snel op bezoek, heel benieuwd en met een koffer vol gesmokkeld Belgisch lekkers. Wij waren blij hen te zien want het was een hectische periode geweest voor, tijdens en na de verhuis en nu we wat ingeburgerd waren was het fijn om een bekend gezicht te verwelkomen.
Bovendien was eens weggaan en ontspannen er tijdens die periode een beetje ingeschoten en ik had nog niet voldoende genetwerkt om een babysit te vinden dus maakten wij gretig gebruik van hun voorstel om een avondje op de kinderen te passen. In die periode heerste de eerste Titanic gekte en kwam de kaskraker met diezelfde naam net in de zalen. De keuze was dus snel gemaakt, het werd een avondje bioscoop en ik keek er echt naar uit.
Nadat we van een etentje hadden genoten trokken we naar de plaatselijke filmzaal, benieuwd waar al die heisa in de media nu over ging. We waren nog niet goed in de pluche zetels genesteld toen de wet van Murphy toesloeg. Iets met de kinderen denkt u meteen, maar met de kinderen was alles in orde. Waren het nu de garnalen die ik net had gehad of iets anders, ik weet het niet. In ieder geval, terwijl Leo en Kate elkaar beter leerden kennen werd ik vreselijk ziek. Ik pendelde dan ook de hele film tussen het toilet, de frisse buitenlucht en mijn pluche zetel. Alsof het al niet erg genoeg was dat ik mij zo ellendig voelde moest dat net gebeuren tijdens dat lang verwachte uitje en zo’n plotse onpasselijkheid is al ellendig genoeg thuis, laat staan op een vreemd toilet. Terug naar huis rijden met regelmatige stops op de pechstrook zag ik ook niet echt zitten, dus bleef ik maar wat over- en weer lopen en miste het hele verhaal.
Toen de film al even gedaan was ging ook de storm in mijn lijf liggen en konden we naar huis. Op de terugweg vroeg ik, nog een beetje wit rond de neus, hoe het verhaal nu verder ging, waarop mijn toenmalige echtgenoot droogweg zei: ‘Wel, ze is gezonken!’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen