zaterdag 17 december 2011

Dierenplezier



Mijn bomma was een echte dierenvriend en vermits wij als kind veel tijd bij haar doorbrachten hebben wij altijd gedeeld in haar dierenliefde. 
Ik heb er zelf geen herinneringen aan, maar foto’s en verhalen uit de tijd toen ik nog een lopertje was, vertellen mij dat zij ooit kippen hield. Toen de vier ukjes die haar kleinkinderen waren ten tonele verschenen ging de haan van dienst naar het schijnt nogal tekeer. De heer des huizes viel ons aan en pikte hevig in ons hoofd, met de nodige heisa tot gevolg. 


Olieverf op doek van Gudrun Sallaberger-Plakolb

Mijn bompa, wiens dierenliefde eerder door de maag ging, heeft dat probleem snel opgelost door die arme haan, die tenslotte slechts plichtbewust deed wat in zijn genen voorgeprogrammeerd stond, zonder verpinken in de pot te draaien en ik ben ervan overtuigd dat hij hem met veel smaak heeft verorberd.
Exit kippen dus, maar er volgden nog een hele reeks beesten en beestjes. Die dieren waren dikwijls wezen of vondelingen, dus je kan wel stellen dat er speciale karaktertjes tussen zaten.
Zo was er bijvoorbeeld het venijnige Pinkstertje waar ik het al eens over had en mijn bomma was ooit ook de trotse eigenaar van een prachtige Fox terriër die zich altijd van zijn sportiefste kant liet zien. Het beest had namelijk de vervelende gewoonte om weg te lopen en ondanks het feit dat wij uiterst voorzichtig waren om de voordeur te openen als hij in de buurt was en er straten ver achter liepen als hij dan toch weer kon ontsnappen, was hij keer op keer de pist in. Dan bleef hij een paar dagen, of zelfs een beetje langer spoorloos om daarna, compleet uitgeput en uitgehongerd, zijn weg terug naar huis te vinden. Daar werd hij steeds weer met open armen verwelkomd en vertroeteld tot mijnheer genoeg had van het huiselijke leven en opnieuw de wijde wereld introk. Op een keer vonden wij hem wel heel erg lang wegblijven en tot op heden vraag ik mij nog altijd af of hem iets is overkomen of hij een betere thuis heeft gevonden.
Maar het waren niet alleen honden die mijn bomma verzorgde en vertroetelde.  Zij heeft ook een mooie grijze roodstaart papagaai gehad die naar de originele naam Jako luisterde. Het beest was best intelligent want als de weerman van dienst op de buis kwam riep hij gegarandeerd ‘leugenaar’, in navolging van mijn bomma natuurlijk.  Of als de telefoon rinkelde riep hij ‘hallo’ in koor. Maar die papegaai plukte zich kaal en beet mijn bomma constant in de vingers wat zij natuurlijk niet op prijs kon stellen. Op een dag kwam er toevallig een klusjesman langs die razend enthousiast was over de papegaai, waarop mijn bomma, die al dat gepluim en gebijt hartsgrondig beu was, hem prompt met hok en al meegaf. Toen zij Jako later nog eens ging bezoeken zag hij er prima uit. Zijn veren waren helemaal bijgegroeid en hij kon het zo goed vinden met zijn nieuwe baasje dat die gewoon met hem op de schouder buiten kon wandelen en van bijten was al helemaal geen sprake! Blijkbaar was Jako een zij en met haar mannelijk baasje kon zij het opperbest vinden.
Zo zie je maar;  zelfs dierenliefde moet van twee kanten komen!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen